vrijdag 2 september 2011

It’s good for you

De ronde tafel is bezaaid met resten van het banket, naar goed Chinees gebruik.
Het toetje bestaat uit de gebruikelijke soep; mijn gastheer roert met een eetstokje in de terrine, terwijl hij mijn kommetje pakt.
Ik kijk even mee en zie iets wits – de buik van een schildpadje, dood weliswaar, maar toch.
Hij bemerkt mijn blik en de bekende kreet klinkt: “It’s good for you.”
Op mijn vraag of hij het WWF kent en prins Bernhard, knikt hij bevestigend en accepteert mijn excuus dat ik dit niet mag eten, stel je voor dat de prins hiervan hoort.
Hij vindt mijn uitleg begrijpelijk en mét hem prikken de overigen in de soep. “No worry, we will have your share.”

vrijdag 15 juli 2011

Gedicht van de week

Het is hier te warm om fatsoenlijk te bloggen en de ideeën komen ’s nachts. Gelukkig had vriend van Dattum in een van mijn laadjes nog een aantekening gevonden over de Groene Kalebas en wat zich daaromheen afspeelde in de jaren zestig.
Ik ga niets meer toevoegen aan de kleine stroom van verhalen, die voor een goed deel zelfs uit hear-say bestaan.

Laat gezegd zijn dat de Groene Kalebas in de 2e Weteringdwarsstraat thuis hoort in het rijtje van 't Hemeltje maar ook de Phonobar en Cave Toulouse Lautrec op het Thorbeckeplein, Hans en Grietje, Lucky Star en Reijnders.

Het was een tijd van spijkerbroek met wijde pijpen, dunne colltrui, hoge suedeschoenen (Clarks), zwarte canvasjas c.q. gewoon een zwarte broek en een colbert, afhankelijk van je artistieke instelling en arbeidsstatus: Op kantoor droeg men een pantalon en geen spijkerbroek. Dames niet, die droegen nylonkousen en Terlenka rokjes.

In de Kalebas was de Greenwich Village Jazzclub, waarvan ik in 1963 als beginnend gemeente-ambtenaar lid van werd gemaakt door een paar collega’s. Aparte types, maar zo liepen er daar bij het Gemeente-energiebedrijf wel meer rond.

Op een zondagmiddag tijdens een jazzsessie kregen we een voordracht door een leefijdgenoot, Johnny de Selfkicker, vanaf het trapje van de kelderingang.
De spetters en de galm omvatten de kelder met de houten tafeltjes, shag- en pijprokers, en de wereld zag er weer mooi uit. En dat in 1963.

Johnny van Doorn brak in 1966 pas echt door, maar in de Kalebas was hij al een geziene gast. Remco Campert en Simon Vinkenoog hingen daar toen ook rond, net zoals Robert Jasper Grootveld met zijn jofele autoschopschoenen, en Aat Veldhoen.
Allemaal stukken ouder dan ik, maar de invloed was merkbaar. De anti-rooktempel en de happenings bij het Lieverdje. Een rotaprent van Veldhoen, gekocht (en later weggegeven) voor een tientje vanaf de bakfiets.


Afgedwaald: Johnny van Doorn heeft mooie voordrachten en mooie gedichten geschreven. In het kader van het regelmatige gedicht hierbij een klassiek exemplaar.
U wordt verzocht de ontzetting te verbergen en zich even terug te wanen in de tijdgeest van die tijd. Mijn tijd.

Johnny van Doorn (1944-1991)

komtocheensklaarklootzak

Mijn kamer verhuurd
Voor een uur of 2
Aan enkele verstok-
Te voyeurs:
Een gat in de
Vloer geeft een
Luxueus uitzicht
Op het onderliggend
Temeiersbed &
Bij iedere seance
Kreunt mijn
Krolse kat
Luidruchtig mee &
Via een snelle
Knopindruk golft
De (van een bedrijft-
Tape afkomstige)
Mededeling - Kom
Toch Eens
Klaar Klootzak -
Door het met
Rococomeubelen
Ingerichte
Naaivertrek &
Tot zielenheil
Van mijn somber
Herfstig wezen
Herstel ik het
Schiet-en avondgebed
In ere &
Iedere nacht
(Tussen haar billen
Ingevouwen)
Spreek ik tot de Goede God

maandag 27 juni 2011

De anderen

In een vorig blog schreef ik over het liedje "Snoepwinkeltje" en alhoewel wat laat, bedank ik @hikibobo voor de toezending van de link op "Liedjeskist", waar de noten te lezen én te horen zijn. Link!

Wat ken ik veel van die liedjes. Ik heb op een leerzame kleuterschool gezeten blijkt wel. Roodkapje, van de Nederlandsch Hervormde Gemeente.

Ik stond daar een maand of wat geleden voor de poort, in een kleine file op de Overtoom in Amsterdam. Op weg naar het Vondelpark voor een ontmoeting met een oud-klasgenoot van de lagere school. A walk down memory lane.
In gedachten hoorde ik ijle kinderstemmen liedjes zingen als " zakdoekje leggen, niemand zeggen" en bedacht dat al jong een beroep werd gedaan op je inlevingsvermogen voor later. Er wordt veel gedanst bij die liedjes.

Neem een liedje als 'k moet dwalen': er komt een kleine springer in het veld, hij zwaait met zijn hoed en stampt met zijn voet en er wordt gedanst.
Of : "Joepie joepie is gekomen, heeft mijn meisje weggehaald". Meer vrouwen dan kerken placht mijn moeder te zeggen als er iets verkeerd liep met een meisje, dat met een ander ging.

Een opa van een vriendinnetje kenmerkte mij als iemand die dansend door het leven ging. Zorba de Griek, zei hij, want ik was nogal actief bij een folkloristische dansgroep.
Toen ik in West-Afrika werkte vroeg een bezoekend lid van de Raad van Bestuur aan mijn vrouw wie die Jesus Christ Superstar was met dat lange haar. Ik dus.
Dans dus alsof niemand je ziet en zing alsof niemand het hoort, en lach wanneer je iemand tegenkomt.

Later maakte ik kennis met de uitspraak "You can't have your cake and eat it", maar daar zag ik de wijsheid niet altijd van. Word je wat ouder dan ga je er wat minder tegen in, maar de weerbarstigheid blijft.

Als het dan toch soms anders uitpakt dan je verwacht, hoor ik die andere ijle kinderstemmen van later "You can't always have what you want, (but if you try..)." Luister maar. Zing mee

Uiteindelijk ben ik toch nog aardig terechtgekomen en die middag op het terras van het Filmmuseum was een prettig moment van terugkijken en reflecteren met een oude vriend. Dag Hans.

Een goed boek is nooit weg..

Heere Heeresma is gisteren overleden. Hij heeft vanaf 1954 tot 2006 onafgebroken geschreven.
Het obligate boek Han de Wit gaat in ontwikkelingshulp werd genoemd als een belangrijk werk van zijn hand, evenals de Zwaarmoedige verhalen voor bij de centrale verwarming, en de verfilming van beide boeken.

Een dagje naar het strand werd opnieuw verfilmd in 1984 door Theo van Gogh, en Geef die mok eens door, Jet! door Frans Weisz in 1975.
Zijn boeken Een jongen uit Plan-Zuid en Kijk, een drenkeling gaat voorbij, sloten het af met een beschrijving van zijn jeugdherinneringen.

Bij de grote verhuizing 5 jaar geleden heb ik ook de boeken van Heeresma verkocht, en daar zaten tot mijn spijt achteraf de boeken Gelukkige paren, Een hete ijssalon en Geschoren schaamte ook bij.
Die behoorden bij de collectie erotica en boeken voor bij de open haard.
Geschreven in duidelijke taal, zoals Heeresma dat voorstond in zijn manifest voor leesbare teksten.

Sommige stukken tekst blijven je bij.
Uit mijn hoofd: "Haar kreten van wellust waren huizen ver te horen, maar de kranen draaiden, schepen voeren af en aan en in het hele land werd export gepleegd."

Mocht u een boek van Heere tegenkomen, bemachtig en lees het.

zondag 8 mei 2011

Gedicht van de week

Mijn moeder zong dit liedje vaak voor me toen ik klein was, bij het slapen gaan.
Een liedje dat ze zelf als klein meisje had geleerd en dat toen voor háár werd gezongen.
Soms, als ik aan haar denk, hoor ik in gedachten ook dit liedje weer. Het
vreemde is dat ik er verschillende melodieën bij hoor. En ik kan haar niet
meer vragen welke de goede is.

Snoepwinkeltje (1918)

In de donkere straat,
Als 't belletje gaat,
Kletst het deurtje al rinkelend open.
Komen in 't kamertje klein
Bij 't lampenschijn,
De kleutertjes binnengeslopen.

Een dappere vent
in zijn vuistje een cent,
stapt naar voor en blijft grinnekend zwijgen.
Tot de koopvrouw geleerd
zijn fortuin inspecteert,
en vertelt wat hij daarvoor kan krijgen.

't Is een reep zwarte drop
koek met suiker erop,
een kleurbal, een zuurbal, een wafel,
een zoethouten stok
of een kleurige brok
't ligt alles bijeen op de tafel.

Als de kapitalist
zich wat dikwijls vergist,
en de koek met de suiker beduimelt.
Zegt de juffrouw verwoed,
dat hij 't kostlijke goed
met zijn smerige vingers verkruimelt.

De kleuter verbaasd,
dat de juffrouw zo raast,
smoest stiekum wat met zijn kornuiten.
De keus wordt bepaald,
en de kleurbal betaald,
en dan slenteren ze schooierend naar buiten.

In de donkere straat
waar het groepje nu gaat
wordt hevig gewikt en gewogen.
Dan zuigen z'om beurt
tot de bal is verkleurd
en de rijkdom illusie vervlogen.

Manna de Wijs-Mouton (1873-1947)

zondag 1 mei 2011

Gedicht van de week

Een jaar geleden deed ik op een klein cruiseschip een rondje Middellandse Zee. In diverse trappenhuizen van het schip waren in spiegels delen van een gedicht gegraveerd en tijdens een storm maakte ik een foto van de meest intrigerende spiegel.
Het gaat er om je angst uit je leven te bannen en datgene wat je op je pad tegenkomt aan te kijken. Beleef de momenten door ze te ervaren, zonder dat je gedachten en aarzelingen het overnemen.

Ithaca

When you start on your journey to Ithaca,
then pray that the road is long,
full of adventure, full of knowledge.
Do not fear the Lestrygonians
and the Cyclopes and the angry Poseidon.
You will never meet such as these on your path,
if your thoughts remain lofty, if a fine emotion
touches your body and your spirit.



You will never meet the Lestrygonians,
the Cyclopes and the fierce Poseidon,
if you do not carry them within your soul,
if your soul does not raise them up before you.

Then pray that the road is long.
That the summer mornings are many,
that you will enter ports seen for the first time
with such pleasure, with such joy!
Stop at Phoenician markets,
and purchase fine merchandise,
mother-of-pearl and corals, amber and ebony,
and pleasurable perfumes of all kinds,
buy as many pleasurable perfumes as you can;
visit hosts of Egyptian cities,
to learn and learn from those who have knowledge.

Always keep Ithaca fixed in your mind.
To arrive there is your ultimate goal.
But do not hurry the voyage at all.
It is better to let it last for long years;
and even to anchor at the isle when you are old,
rich with all that you have gained on the way,
not expecting that Ithaca will offer you riches.

Ithaca has given you the beautiful voyage.
Without her you would never have taken the road.
But she has nothing more to give you.

And if you find her poor, Ithaca has not defrauded you.
With the great wisdom you have gained, with so much experience,
you must surely have understood by then what Ithacas mean.

K. P. Kavafis

woensdag 30 maart 2011

Foetsj en het kan niet

Foetsj
User has been suspended. Dagenlang probeer ik in Tweetdeck foto’s op te laden naar de clouds. Twitpic. Vergeefs. Er heeft zich iets voorgedaan buiten mijn invloed om.
Zo voelt het dus, om zonder inspraak door het OM aangeklaagd én veroordeeld te worden. Reageren is niet mogelijk, service not available.
Heb ik onoirbare afbeeldingen geplaatst? Dacht het niet.
Heeft er iemand geklaagd?
Dat kan een mogelijkheid zijn want anoniem reageren is toch wel het ideaal van mensen die klein in gedachten en doen zijn.
Zijn we al zover in Nederland? Ongetwijfeld. Je verrader slaapt nooit, zei mijn vader vaak. Die had genoeg gezien in de oorlog om dwars te blijven. Dan heb ik het niet van een vreemde.

Nee dat kan niet
Nee, zegt de vereniging van eigenaren waar ik ook deel van uitmaak, onze administratie heeft geen mogelijkheid voor automatische incasso voor het CV-onderhoudsabonnement.
Daarvoor sturen wij u elk kwartaal een rekening van € 20,47. Bij te laat betalen kost u dat € 15 extra aan incassokosten.
Nee, u kunt niet vooruit 4 kwartalen betalen. Dat kan niet verwerkt worden in onze administratie. Dat is te bewerkelijk.
Nee, het kan ook niet bij de maandelijkse incasso van de VVE-bijdrage. Voor wijziging van de regels is de vergadering van eigenaren. En wij als wooncorporatie hebben de meerderheid.
Ja, wij kunnen wel apart brieven sturen voor de incassokosten. Dat kan ons systeem wel. Wij letten op de kleintjes in uw belang.

[Eerder geplaatst op 120w, als uiting van een ochtendhumeur]